Amsterdamse patat oorlog ook 50 jaar?
In dit artikel:
Amsterdammer Dick Beishuizen (64) stelt dat hij rond 1975–1977 de samenstelling van het befaamde patatje oorlog heeft bedacht. Als vijftien/zestienjarige bestelde hij bij een snackbar aan het Zonneplein in Tuindorp (Amsterdam‑Noord) friet met mayonaise, satésaus (pindasaus), uitjes en aanvankelijk een beetje mosterd; een cafetariamedewerker en schoolkameraad, Robbie, zou bij het zien van de kledderige portie hebben geroepen dat het “lijken wel oorlog”, waarna de naam bleef hangen. Beishuizen benadrukt dat hij denkt de samenstelling te hebben uitgevonden, niet per se de naam.
Jarenlang kon hij zich de officiële naam van de snackbar niet herinneren, maar navraag bij familie, lokale winkeliers en het Historisch Archief Tuindorp Oostzaan wijst uit dat de zaak vermoedelijk Snackbar 2000 was, naast de nog bestaande bakkerij op Zonneplein 1 en onder de poort van het plein. Het gerecht werd destijds in een puntzak geserveerd en raakte snel populair in Amsterdam.
Er waren al eerder aanwijzingen voor een Amsterdamse oorsprong: dagblad Het Parool beschreef het patatje oorlog uitgebreid in de zomer van 1985, waarmee duidelijk wordt dat het recept zich in de jaren daarna breed over de stad had verspreid. Frituurwereld bracht Beishuizens verhaal enkele jaren geleden naar buiten; naar aanleiding daarvan maakt fritoricus ubelski op Frituurwereld.nl een korte video over de vraag of men van pindasaus of satésaus moet spreken.
Kort samengevat: hoewel onomstotelijk bewijs van één uitvinder lastig te leveren is, levert ooggetuigenis, lokale archieven en krantenverslaggeving samen een sterk Amsterdam‑gerelateerd ontstaansverhaal voor het inmiddels iconische patatgerecht.
De Oranjezomer: Gedragstherapeut heeft slecht nieuws voor Raymond van Barneveld: 'Ga je nooit meer vanaf komen'